Naar inhoud Naar hoofdmenu

FM-relaisstations 

Voor de radiocommunicatie tussen mobiele stations worden experimentele onbemande FM-relaisstations toegestaan. Voor deze experimenten zijn voor de verschillende frequentiebanden segmenten en kanaalindelingen beschikbaar. Daarnaast is er een specifiek FM-relaisstation dat voor het zenden en ontvangen, gebruik maakt van verschillende frequenties uit de amateurbanden, het zogenaamde FM-crossband relaisstation.

Looptijd en tarief

Een aanvullende toestemming wordt verleend voor een termijn van maximaal drie jaar. De toestemming kan worden verlengd, tenzij er binnen een periode van twaalf tot zes maanden voor afloop van de aanvullende toestemming een andere aanvraag is ontvangen voor dezelfde frequentieruimte. Is dit niet het geval dan kan de gebruiker schriftelijk een verzoek indienen om te verlengen. Aan het gebruik van de frequentieruimte zijn kosten verbonden. 

Beschikbaarheid

De beschikbare frequentieruimte voor experimenten is beperkt. Het kan dan ook voorkomen dat de door u gewenste frequentieruimte al in gebruik is door een andere zendamateur. Kijk in het overzicht of de frequentieruimte beschikbaar is of wanneer u een aanvraag kunt doen voor deze frequentie.

Aanvragen

Individuele radiozendamateurs, verenigingen van radiozendamateurs en een afdeling van een vereniging kunnen een aanvullende toestemming aanvragen. De toestemming is te beschouwen als een wijziging van de gebruiksvoorschriften. Een aanvullende toestemming kan aanvullende en/of afwijkende bepalingen bevatten om verstoring van andere (onbemande) stations te voorkomen.
Voor verenigingen of afdelingen van een vereniging voor radiozendamateurs dient de aanvrager een vergunninghouder van de categorie A, C of F aan te wijzen die verantwoordelijk is voor het nakomen van alle verplichtingen die aan de aanvullende toestemming zijn verbonden.

Beschibare frequentieruimte

2 meter band (144 – 146 MHz)

Kanaal: Nr
Ingangsfrequentie: (MHz)
Uitgangsfrequentie:
(MHz)
R0
145,0000
145,6000
R0X
145,0125
145,6125
R1
145,0250
145,6250
R1X
145,0375
145,6375
R2
145,0500
145,6500
R2X
145,0625
145,6625
R3
145,0750
145,6750

R3X

145,0875
145,6875

R4

145,1000
145,7000

R4X

145,1125
145,7125

R5

145,1250
145,7250

R5X

145,1375
145,7375

R6

145,1500
145,7500

R6X

145,1625
145,7625

R7

145,1750
145,7750

R7X

145,1875
145,7875

Uitgangspunten bij de bepaling van de dekkingsgebieden

1. Een regionaal relaisstation in de 2 meter band is een onbemand station waarvan het dekkingsgebied onder normale propagatiecondities beperkt blijft tot een straal van 50 kilometer rond het station.

  • Onder het dekkingsgebied van een regionaal relaisstation wordt verstaan het gebied waarbinnen een mobiel station met een redelijke signaal/ruis verhouding de radiocommunicatie met gebruikmaking van het relaisstation kan afwikkelen. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat het mobiele station opereert met een ¼ lambda antenne op het metalen dak van een voertuig en een uitgangsvermogen van 10 watt.
  • Voor regionale relaisstations zijn de kanalen R0 t/m R7 beschikbaar.
  • Regionale relaisstations op dezelfde frequentie staan, behoudens bijzondere omstandigheden, op tenminste 100 km afstand van elkaar.
  • Per dekkingsgebied mag slechts één regionaal relaisstation bestaan.

2. Lokale relaisstations op X-kanalen zijn bedoeld voor lokale experimenten en plaatselijke radiocommunicatie en kunnen onder voorwaarden in geheel Nederland worden opgericht. De antennehoogte bedraagt niet meer dan 10 meter, de antenne is rondstralend en heeft versterking van minder dan 3 dBd, het zenderuitgangsvermogen is maximaal 2 watt en het relaisstation mag niet binnen 20 km van een ander FM-relaisstation staan dat in dezelfde frequentieband werkt. Bij gebruik van hetzelfde X-kanaal is deze afstand 50 km.



70 cm band (430 – 440 MHz)

 

Kanaal: nr.
Ingangsfrequentie:
(MHz)
Uitgangsfrequentie:
(MHZ)
FRU00X
431,6125
430,0125
FRU01
431,6250
430,0250
FRU01X
431,6375
430,0375
FRU02
431,6500
430,0500
FRU02X
431,6625
430,0625
FRU03
431,6750
430,0750
FRU03X
431,6875
430,0875
FRU04
431,7000
430,1000
FRU04X
431,7125
430,1125
FRU05
431,7250
430,1250
FRU05X
431,7375
430,1375
FRU06
431,7500
430,1500
FRU06X
431,7625
430,1625
FRU07
431,7750
430,1750
FRU07X
431,7875
430,1875
FRU08
431,8000
430,2000
FRU08X
431,8125
430,2125
FRU09
431,8250
430,2250
FRU09X
431,8375
430,2375
FRU10
431,8500
430,2500
FRU10X
431,8625
430,2625
FRU11
431,8750
430,2750
FRU11X
431,8875
430,2875
FRU12
431,9000
430,3000
FRU12X
431,9125
430,3125
FRU13
431,9250
430,3250
FRU13X
431,9375
430,3375
FRU14
431,9500
430,3500
FRU14X
431,9625
430,3625
FRU15
431,9750
430,3750

Uitgangspunten bij de bepaling van de dekkingsgebieden

  • Een regionaal relaisstation in de 70 cm band is een onbemand station waarvan het dekkingsgebied onder normale propagatiecondities beperkt blijft tot een straal van 50 km rond het station.
  • Onder het dekkingsgebied van een regionaal relaisstation wordt verstaan het gebied waarbinnen een mobiel station met een redelijke signaal/ruis verhouding de radiocommunicatie met gebruikmaking van het relaisstation kan afwikkelen. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat het mobiele station opereert met een + 3 dBd antenne op het dak van het voertuig en een uitgangsvermogen van 20 watt.
  • Voor de regionale relaisstations zijn de kanalen FRU01 t/m FRU15 beschikbaar (zie 6.2).
  • Regionale relaisstations op dezelfde frequentie staan, behoudens bijzondere omstandigheden, op tenminste 100 km afstand van elkaar.
  • Per dekkingsgebied mag slechts één regionaal relaisstation bestaan.
  • Lokale relaisstations op X-kanalen zijn bedoeld voor lokale experimenten en plaatselijke radiocommunicatie en kunnen onder voorwaarden in heel Nederland worden opgericht. De antennehoogte bedraagt niet meer dan 10 meter, de antenne is rondstralend en heeft versterking van minder dan 6 dBd het zenderuitgang- vermogen is maximaal 4 watt en het relaisstation mag niet binnen 20 km van een ander FM-relaisstation staan dat in dezelfde frequentieband werkt. Bij gebruik van hetzelfde kanaal is deze afstand 50 km.


23 cm band (1240 –1300 MHz)

Kanaal: nr.
Ingangs- en Uitgangsfrequentie (MHz)
Ingangs- en Uitgangsfrequentie (MHz)
RS00R
1298,000 - 1242,000
Onderstaande RSxx - kanalen worden slechts in speciale gevallen uitgegeven.
RS01R
1298,025 - 1242,025
RS02R
1298,050 - 1242,050
RS03R
1298,075 - 1242,075
RS04R
1298,100 - 1242,100
RS05R
1298,125 - 1242,125
RS06R
1298,150 - 1242,150
RS07R
1298,175 - 1242,175
RS08
1270,200 - 1298,200
RS08 -
1270,200 - 1242,200
RS09
1270,225 - 1298,225
RS09 -
1270,225 - 1242,225
RS10
1270,250 - 1298,250
RS10 -
1270,250 - 1242,250
RS11
1270,275 - 1298,275
RS11 -
1270,275 - 1242,275
RS12
1270,300 - 1298,300
RS12 -
1270,300 - 1242,300
RS13
1270,325 - 1298,325
RS13 -
1270,325 - 1242,325
RS14
1270,350 - 1298,350
RS14 -
1270,350 - 1242,350
RS15
1270,375 - 1298,375
RS15 -
1270,375 - 1242,375
RS16
1270,400 - 1298,400
RS16 -
1270,400 - 1242,400
RS17
1270,425 - 1298,425
RS17 -
1270,425 - 1242,425
RS18
1270,450 - 1298,450
RS18 -
1270,450 - 1242,450
RS19
1270,475 - 1298,475
RS19 -
1270,475 - 1242,475
RS20
1270,500 - 1298,500
RS20 -
1270,500 - 1242,500
RS21
1270,525 - 1298,525
RS21 -
1270,525 - 1242,525
RS22
1270,550 - 1298,550
RS22 -
1270,550 - 1242,550
RS23
1270,575 - 1298,575
RS23 -
1270,575 - 1242,575
RS24
1270,600 - 1298,600
RS24 -
1270,600 - 1242,600
RS25
1270,625 - 1298,625
RS25 -
1270,625 - 1242,625
RS26
1270,650 - 1298,650
RS26 -
1270,650 - 1242,650
RS27
1270,675 - 1298,675
RS27 -
1270,675 - 1242,675
RS28
1270,700 - 1298,700
RS28 -
1270,700 - 1242,700



Crossband

In de 70 cm, 23 cm en 13 cm amateur-banden worden onbemande FM-crossband relaisstations toegestaan. De kanaalindeling met de daarbij behorende frequenties zijn:

Kanaal
Frequentie:
(MHz)
Frequentie:
(MHZ)
FM 7023,1
431,050
1297,800

FM 7023,2

431,075

1297,825

FM 7023,3

431,100

1297,850

FM 7023,4

431,125

1297,875

FM 7023,5

431,150

1297,900

FM 7023,6

431,175

1297,925

FM 7023,7

431,200

1297,950

 

 

 

FM 2313,1

1297,750

2321,450

FM 2313,2

1297,775

2321,475


Uitgangspunten bij de bepaling van de dekkingsgebieden

  • Onder het dekkingsgebied van een FM-crossband relaisstation wordt verstaan het gebied waarbinnen een mobiel station met een redelijke signaalruisverhouding de radiocommunicatie kan afwikkelen. Het mobiel station is gedefinieerd met een 3dB antenne op het dak en een uitgangsvermogen van 10 watt.
  • Het dekkingsgebied van een FM-crossband relaisstation moet beperkt blijven tot ca. 30 km rondom het station.
  • FM-crossband relaisstations op dezelfde frequentie moeten op een zodanige afstand van elkaar staan dat ze elkaar onderling niet beïnvloeden. Aangezien eenzelfde frequentie zowel als in- als uitgang van een FM transponder gebruikt kan worden, moeten de maximale onderlinge afstanden en de daarbij behorende maximale antennehoogtes en maximale vermogens per aanvraag berekend worden.
Logo: Agentschap Telecom

E-loket